
Wet wederzijdse erkenning en tenuitvoerlegging strafrechtelijke sancties
Artikel 9 (verlaging van het verschuldigde bedrag)
1
Ingeval de beslissing, houdende de geldelijke sanctie, strekt tot betaling van een geldboete die hoger is dan het wettelijke strafmaximum waarmee het desbetreffende feit naar Nederlands recht is bedreigd, verlaagt de officier van justitie de hoogte van het bedrag tot dat strafmaximum, indien het desbetreffende feit buiten het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat is gepleegd en daarover naar Nederlands recht rechtsmacht kon worden uitgeoefend.
2
Indien de veroordeelde aannemelijk maakt dat reeds betalingen zijn verricht ter voldoening van de geldelijke sanctie, raadpleegt de officier van justitie de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat hierover.
3
Reeds geïnde bedragen worden geheel in mindering gebracht op het verschuldigde bedrag.
4
Past de officier van justitie de hoogte van het verschuldigde bedrag aan op grond van het eerste of derde lid, dan stelt hij de bevoegde autoriteit van de uitvaardigende lidstaat hiervan onverwijld schriftelijk in kennis.
Jurisprudentie bij dit artikel
- Hieronder wordt een selectie van de bijbehorende jurisprudentie getoond.
- Geen resultaten gevonden voor de door u opgegeven zoek termen.